HET REÏNCARNATIE BEDROG

HET REÏNCARNATIE BEDROG

Hoeveel de mensen bijgeloven als reïncarnatie willen accepteren om hun angst voor de dood en het hiernamaals te overwinnen en zichzelf ver te houden van deze feiten, is het alsnog een feit, dat zij niet zullen wederkeren op de wereld na hun dood. Ieder mens zal maar een keer sterven en na deze dood zal als bevoegdheid van Allah het oneindige leven in het hiernamaals beginnen.

Het reïncarnatie geloof (dat een mens na de dood met een andere lichaam zal wederkeren op aarde) is zeer geworteld in de Indische religies.

Met de mystieke Indiase doctrines was het transmigratie geloof (dat de ziel van de ene lichaam naar het andere verhuisd) geboren. Zo is het idee van een continue bestaan na de dood en dat de ziel los is van het lichaam ontwikkeld. Volgens dit geloof, wordt de ziel in haar eigen niveau als hoog of laag geboren. Aan de hand van hetgeen wat de mens uitvoerd, wordt hij geboren als dier, plant, mens of God (Volgens dit is de mens de architect van zijn eigen lot.) Deze geboorte vindt plaats in een oorzaak-en-gevolg relatie. Geestelijke en morele vergoeding, dat wil zeggen, het gevolg van van de verrichte handelingen is alleen mogelijk met de reïncarnatie van de ziel. Gelukkig zijn in het volgende leven, hang af van de juiste handelingen. Ieder individu is verantwoordelijk voor zijn eigen handelingen. Het is niet nodig om de dood te vrezen. Met voortdurende wedergeboortes bereikt de mens zijn verlangens en een voortdurende bevrediging. Hij leeft in God Brahma. Er wordt gesuggereerd dat door dit geloof de Indiers een sterk optimisme bereiken.

Zoals u kunt zien, is er in de reïncarnatie geen geloof in het hiernamaals, maar een geloof in het voortdurende sterven en heropwekking met dezeflde ziel maar in een ander lichaam. Dit is echter een valse en ketterse geloof wat in tegenspraak is met hetgeen wat God in de Koran meldt.

Een andere opmerkelijke ketterse overtuiging in deze filosofie is dat men ook als een God geboren kan worden. Dit is een van de meest valse en onware beweringen in de geschiedenis. Het is echter duidelijk dat geen enkel mens God kan zijn; er is maar een God en Hij heeft niet verwekt, noch is Hij verwekt. De Eigenaar, Schepper, Beschermer en God van heel het universum en alle levende wezens is Allah. Hij heeft geen echtgenoot of gelijke. Onze Heer Allah, openbaart dit feit in de Koran in Soerah al Ikhlash als volgt:

Zeg: “Hij is Allah, de Enige. Allah is de Enige van Wie al het geschapene afhankelijk is. Hij heeft niet verwekt en is niet verwekt. En niet een is aan Hem gelijkwaardig.” (Soerah al Ikhlash, verzen 1-4)

Degenen die in iets anders dan dit geloven zijn afgeweken van het rechte pad en hebben in deze wereld en het leven na de dood verloren.

IN DE KORAN IS ER GEEN REÏNCARNATIE, DE DOOD EN WEDEROPSTANDING GEBEUREN EEN KEER

Reïncarnatie is een bijgeloof dat op geen enkele Goddelijke bron steunt. Niet alleen in de Indiase religies, maar over heel de wereld zijn er mensen die in reïncarnatie geloven, of beter gezegd mensen die willen geloven dat reïncarnatie een realiteit is. De reden hiervan is dat mensen die niet in de religie geloven en het bestaan van het hiernamaals ontkennen, bang zijn om na de dood te verdwijnen of voor eeuwig in de hel te verblijven De reïncarnatie zien ze als een uitweg om hun angsten te overwinnen. Want in de basis van het reïncarnatie-geloof ligt de onwerkelijke suggestie dat men niet bang moet zijn voor de dood en met wederoplevingen zijn verlangens kan bereiken.

In de Koran wordt er gemeld dat de dood en wederopstanding eenmalig is. Ieder mens leeft slechts een leven op de wereld, sterft na dit leven en wordt na deze dood opgewekt en verdient aan de hand van hetgeen wat hij op de wereld heeft gedaan voor eeuwig het verblijf in de Hel of het Paradijs. De mens heeft dus een wereldse leven en een eeuwig leven in het hiernamaals. Dat men niet terug zal keren op de wereld na de dood, wordt overduidelijk vermeld in de Koran. Enkele voorbeelden van verzen die dit vermelden zijn als volgt:

En het is onmogelijk voor (de bewoners van) een stad die Wij vernietigd hebben dat zij terugkeren (om zich te beteren). (Soerah al Anbiya, vers 95)

Totdat, wanneer de dood tot een van hen komt, hij zal zeggen: “O mijn Heer, laat mij terugkeren. Hopelijk kan ik goede werken verrichten voor wat ik nagelaten heb.” Zeker niet! Voorwaar, dit zijn slechts woorden die hij spreekt en voor hen is een scheiding tot de Dag waarop zij opgewekt worden. (Soerah al Moe’minoen, verzen 99-100)

Zoals men kan opmaken uit de verzen in de koran, zal een deel van de mensen, wanneer zij geconfronteerd worden met de dood, in de hoop tot herleving zijn. Dat dit zeker niet mogelijk is wordt hen in de Koran verklaard. In de onderstaande verzen vermeld Allah het volgende over de dood en wederopstanding:

Hoe kunnen jullie niet in Allah geloven, terwijl jullie levenloos waren en Hij jullie toen tot leven bracht; waarop Hij jullie deed sterven, daarna doet Hij jullie herleven, en tenslotte zullen jullie tot Hem terugkeren. (Soerah al Baqarah, vers 28)

REÏNCARNATIE IS EEN DUIVELSE TROOST DIE IS VERZONNEN OM DE ANGST VOOR DE DOOD EN HET HIERNAMAALS TE OVERWINNEN.

Zoals het in de verzen wordt verteld is de mens in het begin dood. Dat wil zeggen dat hij uit levenloze stoffen als aarde, water en modder bestaat. Later geeft Allah "vorm in een bepaalde orde" en leven aan deze levenloze hoop. Een bepaalde periode na de opwekking, wanneer zijn leven eindigt, zal van de mens het leven ontnomen worden, wederkeren naar de aarde, wegrotten, verkruimelen en tot een poeder toestand komen. Dit is de tweede overgang naar de dode vorm van de mens. Het enige wat overblijft is de laatste wederopstanding. Dit is de wederopstanding in het hiernamaals. Ieder mens zal opgewekt worden in het hiernamaals, zal begrijpen dat een terugkeer niet mogelijk is en zal een verantwoording geven aan Allah van alles wat hij op de wereld heeft gedaan.

In andere verzen wordt het feit dat de mens een maal zal sterven, nadat hij op de wereld komt als volgt gemeld:

Zij zullen daarin, na de eerste dood, geen dood meer ondergaan, en Hij beschermt hen voor de bestraffing van de Hel. Als een gunst van jouw Heer. Dat is de geweldige overwinning. (Soerah ad Doekhan, verzen 56-57)

In de voorgaande verzen zijn zeer duidelijk en definitief de dood vermeld wat men kan zien wat iets eenmalig is. Hoeveel de mensen ook met valse overtuigingen als reïncarnatie proberen hun angst voor de dood en het hiernamaals te overwinnen en zichzelf te troosten, is het een feit dat zij na hun dood niet zullen wederkeren op de aarde. Elk mens zal maar een keer sterven en na deze dood zal, als bevoegdheid van Allah, het oneindige leven in het hiernamaals beginnen. Allah zal elk persoon aan de hand van de goedheid of het kwaad wat hij heeft gedaan op de wereld, belonen met het Paradijs of bestraffen met de Hel. Allah is de eigenaar van de oneindige rechtvaardigheid, de oneindig genadige en barmhartige en is degene die iedereen de volledige tegenwaarde van hun daden geeft.


Het brengt zonder twijfel een grote verwoesting aan een persoon om vertroosting in valse overtuigingen te zoeken, wegens de angst voor de dood of de mogelijkheid om in de Hel te belanden. Als een persoon van verstand en geweten een dergelijke angst heeft, zou hij, om zich te verlossen van de bestraffing van de hel op het paradijs kunnen hopen, zich met een oprecht hart richten op God en zich houden aan de enige leidende gids voor de mensheid; de Koran.

Zeg: “Hij is Allah, de Enige. Allah is de Enige van Wie al het geschapene afhankelijk is. Hij heeft niet verwekt en is niet verwekt. En niet een is aan Hem gelijkwaardig.” (Soerah al Ikhlash, verzen 1-4)

2013-04-02 13:30:05

About this site | Maak uw Website | Add to favorites | RSS Feed
Alle materialen kunnen gekopieerd, geprint en gedistribueerd worden, mits verwijzing naar deze site.
(c) All publication rights of the personal photos of Mr. Adnan Oktar that are present in our website and in all other Harun Yahya works belong to Global Publication Ltd. Co. They cannot be used or published without prior consent even if used partially.
© 1994 Harun Yahya. www.harunyahya.com
page_top